Ons oude pand
Algemeen
In de goede oude tijd (lees: juli 2008), waren de borrels nog niet in een modern pand met hippe feestlichten, een tap, functionerende koelkasten en een goed werkbare keuken. Toen was iedereen nog te vinden in een charmant, klein, monumentaal Pand aan de 5e binnenvestgracht waar je met 10 mensen een volle borrel had en met een beetje geluk longontsteking na de bestuursvergadering op de kille zolder.
Zoals de UWC-commissie altijd zei: Met het UWC wordt alles Beter. Daarmee bedoelden ze ook de borrellocatie. Maar hoewel de trap met een pan eten wel erg steil was en de ruimte voor een feest toch echt te klein was, was het wel een zeer sfeervolle locatie en een mooi stukje Schuitgeschiedenis.
Zelfs nu al wordt er gesproken over het Pand als men het heeft over het UWC, maar er kan maar één echt Pand blijven en dat is natuurlijk onze oude locatie aan de 5de binnenvestgracht. Voor iedereen die de nostalgie wil herbeleven en voor iedereen die denkt "hè, het Pand, maar we zitten toch gewoon op het UWC?" nog één keer de geschiedenis van het Pand.
Geschiedenis van het pand
Al lang voordat de grootouders van de oprichters van De Blauwe Schuit verwekt werden, stond het er al: Vijfde Binnenvestgracht 20. Reeds op kaarten van voor 1850 is 'het pand' te herkennen aan zijn typische driehoeksvorm. Gelegen in één van de oudste wijken van de stad, aan wat toen nog heette 'Doelenachtergracht', werd het bij de volkstelling van 1839 genoemd.
Er hebben vele generaties Leienaren in onze borrelruimte gebivakkeerd: timmermannen, stokers, melkboeren en dienstbodes. Volgens onze gegevens zijn er tussen 1890 en 1910 minstens zes kinderen op onze zolder geboren en heeft 'de Dood' zeker twee maal op de deur geklopt. Omdat sommige archieven elkaar overlappen lijkt het er sterk op dat er soms twee gezinnen tegelijk ons pandje bewoond hebben.
Nadat het jarenlang heen en weer verkocht is tussen particulieren, kocht op 29 december 1955 de Inspecteur der Domeinen het pand van ene Karel Heindrikus van den Wijngaard, hoofdboekhouder te Leiden. De inspecteur kocht ons pand en het belendende nummer 21 omdat er uitbreiding van de Letterenfaculteit in die omgeving verwacht werd. Perceel nummer 20, groot 32 vierkante meters, werd mondeling van week tot week verhuurd aan de Weduwe J. Riethoven voor de lieve somme van fl 4.80 per week.
Letteren heeft er nooit gezeten, wel het Algemeen Nederlands Studenten Persbureau, waarvan we stapels briefpapier in het archief vonden.
In februari 1970 konden wij, door de vriendelijke bemiddeling van de heer Vogelenzang van de 'Dienst Gebouwen' het pand betrekken. De borrels bij Catena en in de sportkantine van het Piet Paaltjespad waren verleden tijd. De huur was zo laag, dat het symbolisch te noemen is. In het steigerblad stond een kleine routebeschrijving hoe deze fraaie gelegenheid te bereiken en er werd een prijsvraag voor een naam uitgeschreven, die tot op heden door niemand gewonnen is.
Hoewel we erg blij waren met eigen borrelaccomodatie in de binnenstad, vonden velen het pand toch te klein. Lezingen en diapresentaties zijn vrijwel onmogelijk en bij drukbezochte borrels barst het pand bijna uit zijn (toen halfvergane) voegen. Er komt dan ook al snel een acco, een exxomodatiecommissie, want er is inmiddels een probleem gerezen: het pand is drooggelegd. Om een alcoholvergunning te verkrijgen, dienen wij onder andere gescheiden toiletten en wat meer vierkante meters vloeroppervlakte te bezitten. Maar de acco boekt weining succes: alles is te duur of ongeschikt. Bouwen bij de loods schrikt vrijwel iedereen af.
In 1988 worden we opgeschrikt door een mededeling van de Universiteit: in verband met boetes op ongebruikte vierkante meters vloeroppervlakte wil zij het pand verkopen. Als wij het niet zelf kopen lopen we het risico eruit gegooid te worden door de nieuwe eigenaar. Op de ALV wordt een commissie Ad Hok geinstalleerd, die na 6 weken met een dik boekwerk opties komt.
De optie 'kopen' blijkt haalbaar, mede dankzij een ruime lening bij het LUF. Om juridische redenen wordt op 3 augustus 1988 de stichting 'Het Blauwe Huis' opgericht. Zij koopt op 11 november 1988 het pand en verhuurt dat aan de vereniging. De stichting krijgt als eigenares een zware taak: het pand moet gerenoveerd worden (groot onderhoud) om verzekerd te kunnen worden. Een bijkomend probleem is dat op 25 januari 1990 tijdens een zeer zware storm de Italiaanse vlier aan de overzijde van de gracht het begeeft en op onze schoorsteen landt. Na eindeloos heen en weer gepraat en vergader tussen stichting, bouwcommissie, architect en de universiteit begint op 1 december 1990 aannemer Burgy aan het groot onderhoud, mede mogelijk gemaakt door een subsidie van Beschermd Stadsgezicht.
Nu, augustus 1991, is het grootste deel van het werk gedaan. Het pand is, zeker wat de gevel betreft, erg mooi geworden en de elektriciteit is weer veilig. Voorlopig kunnen we vooruit.
10.09.2010 Zuidersail (extern)
11.09.2010 Zeildag
11.09.2010 Overdrachtsweekend
13.09.2010 18:00 MAT
14.09.2010 17:00 Borrel
15.09.2010 19:30 Wisselings-ALV
16.09.2010 18:00 Running Dinner
18.09.2010 Nabraassem (extern)
19.09.2010 Zeildag
No users online.






